Van men tot generaliserend je

‘Want ook als je niet meer de hele dag op een boot kan of wilt dansen, willen veel mensen nog wel meedoen aan de Pride.’

Deze zin kwam ik vandaag tegen op de nieuwssite van de NOS. Het is een fraai voorbeeld van een taalverandering die de beweging nog niet heeft voltooid.

Dat moet ik misschien even uitleggen.
‘Men’ wordt tegenwoordig kennelijk als te afstandelijk of te archaïsch gevoeld — misschien allebei. Je… eh, men geeft daarom de voorkeur aan het wat amicalere ‘je’. Maar ‘je’ gaat met een tweede persoonsvorm. Hoe lossen we dat op?

Wel, daar heeft je… eh, men het volgende op gevonden…
Als we ‘je’ als aanspreekvorm gebruiken, handhaven we die tweede persoonsvorm, dus: je zult. Maar, als we ‘je’ gebruiken bij wijze van alternatief voor ‘men’, dan kleven we er een derde persoonsvorm aan.
Precies, de derde persoonsvorm die we oorspronkelijk aan ‘men’ plakten!

Wat ik bedoel met ‘nog niet voltooide beweging’?
Wel, als we een derde persoonsvorm aan het generaliserende ‘je’ paren, dan moeten we dat wel een beetje consequent doen. Toch? Dus, dan moet ‘wilt’ in bovenstaande zin zijn -t verliezen.
Immers, ‘men wil’, dus ook ‘je wil’.

Vale vale?

Dit vind je misschien ook leuk...